Profiel van de opleiding

De opleiding Master of Science in de biowetenschappen: landbouw- en tuinbouwkunde is gericht op de toepassing van biologische en technologische wetenschappen in de primaire plantaardige en dierlijke productieprocessen. Deze opleiding leidt tot de vorming van hooggekwalificeerde ingenieurs die een ruime verscheidenheid van taken en functies aankunnen, vooral binnen de primaire productieketen, de voorlichtingskanalen en het toegepast onderzoek. Zowel de veeteelt- als de (tropische) landbouw- en tuinbouwsector worden gekenmerkt door een specifiek assortiment, productieprocessen, bedrijfsstrategieën en marktsituaties, wat een opsplitsing in drie afstudeerrichtingen verantwoordt.

Een evenwichtig pakket van opleidingsonderdelen binnen de vakgebieden van afstudeerrichting laat de studenten toe zich te vervolmaken door enerzijds maximaal gebruik te maken van de faciliteiten van het lopend onderzoek en dienstverlening en anderzijds door voldoende professionele kwalificaties te verwerven. Het accent ligt dus naast uitbreiding van de vakkennis, op het toepassen van de verworven kennis en het zelfstandig kunnen opvolgen van het wetenschappelijk onderzoek om kennisverbreding en -verdieping tot stand te brengen. Op vlak van methoden en technieken staat het zelfstandig en kritisch omgaan met productietechnieken, -strategieën, onderzoeksresultaten, e.a. centraal. Om dit te realiseren worden inter- en multidisciplinaire activiteiten in onderwijs en onderzoek ontwikkeld. Het uitvoeren van een masterproef, resulterend in een scriptie is hiervan een essentieel onderdeel.

Afstudeerrichting plantaardige en dierlijke productie

Deze master verwerft een grondige en vergevorderde kennis van de landbouwkundige wetenschappen en van duurzame plantaardige en dierlijke productie van primaire grondstoffen voor ‘Food’, ‘Feed’, ‘Fiber’ en ‘Fuel’. De afstudeerrichting is opgebouwd rond twee complementaire zwaartepunten: de plant enerzijds en het dier anderzijds. De noodzakelijke vakinhoudelijke specialisatie wordt aangebracht door opleidingsonderdelen die dieper ingaan op het aspect plant (plant- en gewaswetenschappen I en II) en het aspect dier (dierlijke productiesystemen I en II), naast opleidingsonderdelen die inzoomen op de technische, instrumentele en infrastructurele omkadering van de gangbare productieprocessen binnen landbouw (Toegepaste plantenveredeling, rundveevoeding en voeding éénmagigen, landbouwmechanisatie en agroconstructies en beheersing van gewasvijanden). Geïntegreerde productie benadrukt de samenhang van beide productiesystemen in een holistische visie terwijl duurzame productiesystemen in land- en tuinbouw de milieueffecten afweegt van de huidige systemen en vergelijkt met meer duurzame projecten. De theorie wordt aangevuld met sectorgerichte toepassingen en aanschouwelijk gemaakt met bedrijfsbezoeken in het binnen- en buitenland.