Profiel van de opleiding

Profiel van de houder van het diploma van Master of Science in de ingenieurswetenschappen: computerwetenschappen

Generiek onderscheidt een opleiding tot Master of Science in de ingenieurswetenschappen: computerwetenschappen zich van een bacheloropleiding door de grotere diepgang waarmee kennis en kunde aangebracht en bedreven worden.

Een belangrijke eigenschap van de masteropleiding is dat ze aanzet tot zelfstandige kennisverwerving en -toepassing. Eerder dan een (illusoire) inhoudelijke volledigheid na te streven, dient de masteropleiding te leiden tot de grondige beheersing van een voldoende relevant gedeelte van het vakdomein, en tot de ontwikkeling van het vermogen tot autonome (levenslange) kennisverwerving.

De activiteiten van een Master of Science in de ingenieurswetenschappen: computerwetenschappen zullen initieel meestal terug te vinden zijn in diverse technische functies. Deze initiële rol gaat relatief snel over in diverse leidinggevende functies. Aan deze functies worden hoge eisen gesteld, zowel ten aanzien van een hoog kennisniveau als van een sterk leiderschap en het vermogen om complexe situaties en systemen te beheersen.

De maatschappelijke waarde van de opleiding wordt voor een belangrijk stuk bepaald door de grote vraag naar hoogopgeleide en creatieve computerwetenschappers voor het ontwerp van innovatieve intelligente producten met hoge toegevoegde waarde en voor de verdere uitbouw van de kennismaatschappij. Uiteraard is het eveneens duidelijk dat de algemeen vormende waarde van de opleiding een zeer grote maatschappelijke relevantie heeft.

 

Het programma is zo opgebouwd dat de student maximaal uiting kan geven aan zijn/haar opleidingsambitie. Slechts de helft van het studieprogramma ligt vast. De overige helft wordt ingevuld in functie van de interesses van de student, via vrij te kiezen keuzevakken en via de masterproef. De kern van de opleiding bestaat uit een opgelegd pakket stamvakken van 60 studiepunten. Daarnaast beschikt de student nog over ruime keuzemogelijkheden om zijn/haar eigen koers te bepalen en eigen klemtonen te leggen. De keuze moet voor minstens 18 studiepunten uit de lijst met verdiepende keuzevakken van de opleiding komen. De andere 18 studiepunten zijn vrij in te vullen uit het programma van de UGent en laat ook de mogelijkheid om tot 18 studiepunten te kiezen uit een aantal door de faculteit aangeboden verbredende minors. Indien geen minor gekozen wordt moeten minstens 6 studiepunten gekozen worden uit de lijst met maatschappelijke vakken.

Een grote fractie van de opleiding wordt besteed aan zelfstandige activiteit van de student. De masterproef is hiervan de belangrijkste exponent, voor een totaal van 24 studiepunten.

 

Praktische informatie