Praktische informatie

In de opleiding industriële wetenschappen verwerf je via basisvakken veeleer toepassingsgerichte kennis. Deze brede basis is essentieel om je later in het werkveld voldoende flexibel op te stellen en toe te laten je via zelfstudie te verdiepen in specifieke, bedrijfseigen technologie. Je opleiding wordt gekenmerkt door veelvuldige contacten met het werkveld, gekoppeld aan projectgericht en vakoverschrijdend onderwijs.

 

De opleiding start in het eerste jaar met een fundamentele vorming in de wiskunde, natuurkunde, scheikunde en informatica. Daarnaast krijg je al vanaf het eerste jaar voeling met een aantal typische ingenieursdisciplines (zoals elektriciteit, materialen, elektrische en elektronische bouwstenen, constructieleer en CAD).

 

In het tweede jaar volg je nog enkele algemene ingenieursvakken, zoals toegepaste stromings- en energieleer en duurzame energietechnieken, maar kies je ook je afstudeerrichting. Via de gekozen afstudeerrichting en keuzevakken leg je dus al meteen persoonlijke accenten. De keuzevakken bestaan uit zowel ondernemingsgerichte vakken als specialisatievakken in de afstudeerrichting. De bacheloropleiding wordt afgerond met een vakoverschrijdend eindproject.

 

 

In de afstudeerrichting bouwkunde leer je bouwkundige constructies concipiëren, ontwerpen en berekenen. Je krijgt daarbij te maken met bouwkundige rekentechnieken, hydrotechniek, topografie, constructie van gebouwen en CAD. Bovendien kan je in het derde jaar via de stage en de keuze voor een major verdiepen in de bouwkunde of het landmeten.

 

In de afstudeerrichting chemie ontwikkel je kennis in analytische chemie, instrumentele analyse en spectroscopische technieken. Je verwerft technologische bagage voor fysische en chemische conversie, verwerking en productbehandeling. Daarnaast verwerf je ook een dosis materiaalkennis die je toelaat om tijdens de procesuitvoering (in)compatibele interactie tussen producten en materiaal in te schatten.

 

In de afstudeerrichting elektronica-ICT leer je software en analoge en digitale elektronische circuits ontwerpen. Daarnaast krijg je een grondige opleiding over ingebedde systemen, computerarchitectuur, computernetwerken, datastructuren en signaalverwerking.

 

In de afstudeerrichting elektromechanica kies je in overeenstemming met de daaropvolgende masteropleiding in het laatste semester een major (keuzepakket) elektromechanica, elektrotechniek of automatisering. Binnen de majors elektrotechniek en automatisering ontwikkel je specifieke competenties in de domeinen industriële installatietechniek, elektrische energietechniek, communicatie- en softwaretoepassingen in automatisering. De major elektromechanica focust op werktuigkundig ontwerp, computerondersteund ontwerp van machines en mechatronica.

 

In de afstudeerrichting informatica wordt de klemtoon gelegd op het opzetten en onderhouden van netwerken en databanken, op softwareontwerp en op het beheer van informaticasystemen. Je krijgt een ruime kijk op zowel het volledige ontwikkelingsproces van grote computerapplicaties als op het efficiënt beheren van gegevens, computerparken en netwerken. Je leert er programmeren (in C++, Java, .NET) met de klemtoon op efficiëntie, leesbaarheid en uitbreidbaarheid.